Zeist 23 oktober 2010
 
Welkom > Het orgel heeft een indrukwekkende geschiedenis

Het orgel heeft een indrukwekkende geschiedenis

     

Karel de Grote (± 800) kreeg er al één cadeau (vermoedelijk een windorgel) van een vooraziatische vorst. Die schonk hem ook een olifant. Het trouwe dier moest altijd mee op reis. Of het orgel ook meeging weten we niet. Of Karel orgel heeft leren spelen evenmin. Karel was niet zo best in leren. Tenslotte stelde het alfabet hem al voor onoverkomelijke moeilijkheden. Toch bleef Karel ‘groot’.

In Europa, in alle landen, steden en dorpen vinden we orgels. Vaklieden, kunstenaars in hun soort, verricht(t)en op veelal eenzame plaatsen in allerlei gebouwen hun precisiewerk. Zeist kan ervan meepraten. Onze gemeente kent een beroemde, in de hele wereld bekende orgelpijpenfabriek: Stinkens.
Goedkoop kunnen orgels niet zijn; er verkeerd mee omgaan of ze verwaarlozen is het ongelukkige lot van veel van deze instrumenten. Op de Dag van het Religieus Erfgoed in Zeist, 23 oktober 2010, kunnen we ons een oordeel vellen over de instrumenten en de staat waarin ze zich bevinden. In Zeist zijn overigens alle orgels in goede handen.

Jouke Krediet

               

De blaasbalgenkamer van het ca. 1320 gebouwde orgel in de dom van Halberstadt. De afbeelding is ontleend aan het tweede deel van de Syntagma van Praetorius (1619). Hij vermeldt dat er 20 balgen waren, zodat voor de bediening niet minder dan 10 mannen nodig waren. Op de balgen ziet men houten voetstukken waarin de orgeltrappers konden staan. In de 16de en 17de eeuw werden de orgels aanzienlijk vereenvoudigd wat de windgevers en het regeerwerk betreft.